Gekregen, gevonden, gemaakt, gekocht in tweeduizend tien:

Een reispas, theelichtjes, een oven, een job, een iPhone, een bed, negen peanut-pockets aan ťťn euro 't stuk voor op de wc, ambitie in de andere richting, een minnaar in NamibiŽ, een werkvisum voor AustraliŽ, het betere chocoladekoekje, een nieuw topje op mijn duim, slecht karma toen ik iemand uitlachte met de hoorn van de telefoon nog open, massa's melanine in mijn huid, dvd-boxen van amazon, een stuk of dertig boeken, kruidenkaas, avocado's, olijfkes.

Kwijtgeraakt, kapotgedaan, schielijk verloren of weggegooid in tweeduizend tien:

Mijn trouwe nokia, mijn liefde voor De Slimste Mens, een job, een minnaar in NamibiŽ, een oven, een oude kerstboom, ambitie in de ene richting, geld voor het goede doel, geld voor minder goede doelen, geld tout court, een appel die ik liet rotten omdat zijn broertjes melig waren, het oude topje van mijn duim, eindeloos veel bodempjes melk die zuur werden, tamelijk veel bloed toen ik mijn nieuwste keukentool ook op mijn vinger wilde testen, tijd toen ik naar de klantendienst van eender welk groot bedrijf moest bellen, de puntjes van mijn haar - zeker zeven keer, de sleutel van mijn voordeur, mijn bankkaart.

Een jaar is geen jaar geweest als het geen schommel was.