Er circuleert zoiets. Met het getal tien - prefab blogpost die je gortdroog kan invullen - alles wat je tien eenheden geleden aan het doen was. Wat ik tien maanden geleden deed en binnen tien maanden zal doen weet ik niet meer en weet ik nog niet en waar ik tien jaar van nu verwacht te staan, daar hebt u geen zaken mee, vooral omdat ik daar zelf niet teveel bij wil stilstaan. Maar tien jaar geleden zat ik in het zesde leerjaar. De volwassenen onder de lagereschoolkinderen.

Ik was vast verliefd op de meester - waardoor het een hele schok was toen ik een paar maanden geleden te horen kreeg dat die meester met een aantal juffrouwen weleens de bezemkast in dook. We moesten op bosklassen vertrekken binnen een aantal dagen en de spanning was gigantisch - er was zo'n invulboekje over het bos en bij de kamerverdeling kwam ik terecht in de beste kamer met de hipste meisjes. Mijn geluk kon dan ook niet op en een paar dagen later kraste ik Maartje was here in een bank in het bos en dook ik topless - toen nog geen issue, denk ik - in een vijver.

Toen ik elf was werd ik geopereerd en kreeg ik van de collega van mijn mama, Georgette, een kikker van pluche. Zo'n hoop draadjes en stofjes gevuld met zitzakbolletjes. Sindsdien slaap ik ermee 's nachts, geklemd in mijn vuist. Toen ik elf en later twaalf en dertien was dichtte ik alle dingen een persoonlijkheid toe en vond ik het zielig als ik die kikker uit mijn bed gewoeld had en ging ik ernaar zoeken in de kier tussen mijn bed en de muur. Ik doe dat nog steeds. Hij heeft van die bolle ogen die 's ochtends vreselijk verwijtend kunnen kijken als ik hem op de grond vind tussen de sokken die ik halverwege de nacht uitspeel. Een beetje elfarige blijft er altijd in.