De liefde laat zich niet dwingen. Niet door bloemen of kransen, niet door een format op de commercile televisie en ook niet door een blik in de juiste richting. Helaas, mag ik vaak verzuchten op een avond in de regen of op een middag in de zon, wat dat betreft.

Ik heb al een tijdje geen lief meer en t is - denk ik - ook al even geleden dat er iemand verliefd op mij werd. Ik vind dat bijzonder erg, maar ondanks de wijvenweek en de openheid die daaruit voortkomt vind ik dat verdriet iets is tussen mij en alle mannen op de wereld die ik ooit nog ga tegenkomen. Daar hebt u dus weinig zaken mee, tenzij u een van hen bent, maar dat merkt u vast als het zover is. Of ik er ook iets van merk, dat is zeer de vraag. t Is een teer punt, dus ik ga er zelf niet in poken.

In de opgavesheet die ik doorgestuurd kreeg (wij wijven zijn georganiseerd) staat ook de vraag waarom wij op mannen vallen, en dat vind ik eerlijk waar een bijzonder domme vraag die door de collectieve wij getuigt van navelstaren, we wonen hier ondanks onze nieuwe regering vol tsjeven en een kardinaal die nut toeschrijft aan pijn nog steeds in een progressief land, dus niet vergeten dat er vrouwen zijn die op vrouwen vallen en die worden daar niet minder vrouw van. Ik heb er zo een paar in mijn vriendenkring die samen al heel lang gelukkig zijn op dat gebied, en dat is meer dan ik kan zeggen.

t Is niet omdat het wijvenweek is dat we zon dingen niet eventjes mogen vermelden, als ze me dwarszitten.

Waarom k zelf op mannen val is omdat ze grote sterke armen hebben die mijn vastgeroeste nek kunnen losmaken en ook omdat ze hun benen niet moeten scheren omdat dat beenhaar gewoon kan. En ook omdat een man in kostuum er vaak beter uitziet dan een vrouw in een galakleed. En omdat mannen vaak groter zijn dan ik en ik dan naast hen sta en zo gezellig klein ben, en dan voel ik me geborgen. Een man zou de hand boven mijn hoofd kunnen zijn die totnogtoe ontbreekt. Ik mis dat niet, zon afdakje, maar soms blijft het regenen en dan ware het handig.

Dus ik ben van plan ermee door te gaan tot er eentje terugvalt. Er zit er daar vast nog wel eens een gemenerd tussen ja, maar dat heb je dan.

Ik leef soms nog steeds in de nave wereld die de mijne ook al was toen ik veertien was en waarin op een dag alles goedkomt. lles. Als mensen mij daaromtrent andere ideen willen aanpraten vind ik dat niet leuk. Ik weet namelijk zelf ook wel dat we niet met zn allen in een romantische komedie leven, en dat je dat allemaal niet zeker weet. Afhankelijk van mijn gemoedstoestand is dat een feit dat ik vakkundig negeer dan wel iets waardoor ik nachtenlang in de rondte van mijn kille bed tol.