Het is kalmer zo. Zie ik een wimper verdwijnen tussen de toetsen van mijn thesis, dan hoef ik niet naar de badkamer te lopen om een pincet, mijn toetsenbord ternauwerdood kapot te frunniken om te wensen wat toch gebeurt, dat ik afstudeer als slaviste, binnenkort. Ik let op het verkeer nu de nummerplaten geen boodschap meer verhullen. Boodschappen uit de toekomst, ze zijn niet meer aan mij besteed, en dat maakt het heden een pak eenvoudiger.

Ik hoef niet, als ik afspreek met een jongen die ik eigenlijk niet ken, op voorhand spider solitaire te winnen of het is toch niet de jongen die ik dacht. De jongen die ik bedacht en die vooralsnog nog niet bestaat.

Ik kijk niet meer naar de sterren 's nachts. Je zou dat als een gemis kunnen zien, maar tot voor kort waren sterren voor mij dingen die maar niet wilden vallen op momenten dat ik ze nodig had. Vandaag zorgen de sterren en de maan dat ik heelhuids thuisgeraak ook zonder degelijke fietsverlichting. Een veel realistischere wereld werd mijn deel.

Maar hoe dan ook word ik niet meer gerustgesteld op lange termijn, dat het er allemaal wel van komt op een dag. Dat soort dingen haalde ik vroeger uit wimpers en nummerplaten en reclamespotjes die kwamen wanneer ik het voorspeld had. Spider solitaire is een stuk saaier geworden nu er niets van af hangt. En hoewel ik al jaren atheÔst ben en dus in se moederziel alleen, [omringd door mensen uiteraard - en toffe ook - maar niemand boven mij die zijn handpalm over mijn hoofd houdt om mij te behoeden voor schoonheidsidealen en kinderziektes en van de trap vallen] is het toch een beetje eenzamer, weten dat spider solitaire, de sterren en het vallen van mijn wimpers niet zullen helpen iemand te worden in deze wereld zonder god.