Als Steve Stevaert 'Gedichtendag 2008' zegt, rijmt het.

In een andere taal, vandaag. Maar eerst een verhaaltje. Ik heb een fenomenaal geheugen voor Trivia en Nutteloze Feiten. Ik weet veel dingen nog, de meest nutteloze eerst. Ik weet bijvoorbeeld nog dat de vader van iemand in mijn klas Marc heette, met een c, zoals alle Marcen uit die tijd, maar dat hij altijd Mark schreef, ook op de balpennen die hij voor zijn werk had laten maken.

Ik zei het al, het soort feiten waar ik geen stap verder mee kom in het leven. Net zo goed leer ik heel erg snel dingen vanbuiten, absurd snel, soms. Soms zo snel dat het vervelend wordt, want ik ken gauw stukjes van cursussen vanbuiten en zo wordt het op den duur stontvervelend om steeds die stukjes opnieuw te lezen, op te schrijven, te declameren. Het gaat natuurlijk niet anders, want de rest van de cursus moet er ook in.

Van sommige gedichten ken ik nog stukken vanbuiten. Het gedicht van vandaag is van Robert Frost. Van de Engelse les in het zesde middelbaar het ik onthouden dat het iemand was met een treurig leven, veel ouders en broertjes en zusjes gestorven, later ook nog zijn vrouw en waarschijnlijk een paar kinderen. De zin 'Whose woods these are I think I know' kwam sindsdien regelmatig in mijn hoofd als ik in Heverleebos met een hoopje drentelende kinderen rondliep. De rest van het gedicht was spoorloos, maar zo nu en dan zoek ik het op.

Vandaar dus vandaag, Robert Frost (1874-1963), met 'Stopping By Woods On A Snowy Evening'.

Stopping By Woods On A Snowy Evening

Whose woods these are I think I know.
His house is in the village though;
He will not see me stopping here
To watch his woods fill up with snow.

My little horse must think it queer
To stop without a farmhouse near
Between the woods and frozen lake
The darkest evening of the year.

He gives his harness bells a shake
To ask if there is some mistake.
The only other sound's the sweep
Of easy wind and downy flake.

The woods are lovely, dark and deep.
But I have promises to keep,
And miles to go before I sleep,
And miles to go before I sleep.


Ook aan te raden uit het Engels van het zesde middelbaar: deze 'Christmas Oratio' van Auden. Actueel en alles. Onze leerkracht was trots op ons, zei ze, toen we het uit hadden.