Ik ben al vaak aan een stukje begonnen dat een post zou worden waar mensen van heinde en ver op af zouden komen, om te lezen hoe alles even klopt. Lovende kritieken en bewonderende reacties volgen, eeuwige roem is drie dagen mijn deel. Voor mezelf kom ik soms in de buurt en dan publiceer ik het wel, maar vaker ben ik al een honderdtal tekens op dreef als ik besef dat het vooral niets wordt deze keer. Bloggen is soms eerder een processie van Echternach.

Ik zou dan beschrijven, zonder ook maar n keer mijn backspace te moeten gebruiken, hoe vreselijk de herfst niet is op zondagmiddag, voor kinderen die weer naar school moeten en iedereen zou me gelijk geven. De zomerdag die ik in zo'n stukje wil beschrijven heeft iedereen wel eens meegemaakt, het is warm en de zon nog warmer. Ik heb het over thee die te warm is en de pas gekuiste badkamer die zo aan zwembad doet denken, over bootjes in een fles, ik weet nog altijd niet hoe dat gaat. Een frle beeldje waar een stuk afbreekt staat fracties eerder op de kast, bestoft misschien, te dicht bij de rand.

Een witte kerst op Oostblog, alsof het buiten is gaan sneeuwen omdat ik erover schrijf. Het nieuwe jaar voor iedereen gelukkig, tot ze uitgelezen zijn. Voor n keer zit ik aan de andere kant, mijn ogen tranen niet, de uwe wel.

De thee koelt af, de chloor verdampt. Niemand weet hoe bootjes in een fles komen, beeldjes bestaan niet voor altijd. De backspace lonkt, ik kom er toch niet aan vandaag. Ik schrijf verder over hoe ik vroeger dacht groot te worden en hoe klein ik ben gebleven, en iedereen weet dat ik gelijk heb.

Op een dag misschien, wie weet, dat staat hier een stukje waar de waarheid in vervat zit.