In Krakau rijden blauwe met witte trams. Op een avond als deze, die twijfelt tussen regen en sneeuw, zijn de vensters van de tram aangedampt en kijken de mensen haveloos naar buiten door een zelfgemaakte veeg. Ze zien er vaak uit alsof ze tegen hun zin naar het einde van de wereld gebracht worden, die trammensen.

En als hij dan nog begint te bellen, de tram, wordt het helemaal melancholisch.