Ik ben beledigd. Argh. In het aanschijn van het wereldleed, de opwarming van de aarde en het feit dat er terwijl ik hier lig te typen in mijn bed weer een stuk of wat bloedjes van kinderen verkommerd zijn maakt het geen knijt uit, maar ik word niet graag beledigd. Ik kan het best allemaal relativeren en niet laten zien en blijven glimlachen en het nog menen ook, ergens, maar er blijft altijd een residu achter. Wat dat geeft is koffiedik kijken. Wie slim is, beledigt mij niet.

Argh. Een mens wordt ook nog helemaal nostalgisch van schoolreizende jungelen. Met zomerkleren aan! Een blikje ice-tea! Safariparken en zakgeld gekregen hebben! De grotten van Han! Schepsnoep! De Efteling!

En zoals daar later waren Parijs en Londen en Oxford en Canterbury en Trier en Athene en Kreta en Santorini en de hele reutemeteut van Europese Bezienswaardige Steden en fan-tas-tische reizen. Centre Pompidou! Fanta met watermeloen! Nina Royal!

Van de zomer misschien eens naar de Efteling gaan terug. En kijken of ik nog eens in Centre Pompidou geraak. Echt een heel fijn museum, Centre Pompidou.

En vooral niet vergeten dat ik mij in een Europese Bezienswaardige Stad bevind met ook een museum voor moderne kunst. Nog eens naartoe gaan voor het einde. Een beetje de toerist beginnen uithangen, quoi.

En een beetje studeren. Maar overdrijven kan niet gezond zijn. Met dat landsklimaat en ozongaten en concentraties van gas in de lucht dat er niet moet zijn. Een mens kan niet voorzichtig genoeg zijn.