Warning: Parameter 1 to NP_BadBehavior::event_PostAuthentication() expected to be a reference, value given in /home/jbenoene/public_html/mette_marta/nucleus/libs/MANAGER.php on line 331
Oostblog - Przygody w Polsce » Archive

Archieven

U bekijkt momenteel de archieven voor January 2008
Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Het is geen grote poëzie vandaag, maar dat maakt het net zo groter. Misschien. Eenvoud is goed in tijden van oorlog in Kenia en verkiezingsfraude in Rusland.

Hou van mij

Ik moet deze shampoo en dat blonde haar en licht
dat van achteren komt zodat er goud uit mijn hoofd groeit
en zakdoeken tussen de kussens van de bank te mogen frotten -

ik weet wel dat ik bof met een fijn huis en alle dagen eten.
Maar in Amerika wordt er tenminste de hele dag van je gehouden:
I love you, I love you too, I want you. Bij ons valt niemand

ontroerd in je armen of belt je op om niets anders te zeggen.
Move you ass to the kitchen. I want you to afwas. I want you
to afdroog too. - Hou van mij. Het is geen verzoek.


Ted Van Lieshout.

29/01: Haha, Sarah!

Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Gisteren, toen ik geen 70 maar 80 baantjes ging zwemmen, liepen daar zomaar mijn twee tunrjuffen van vroeger. Juf Kristien, en ook Juf Carla. En ze kenden mij allebei nog, dat vond ik een soort compliment aan het kindje dat ik vroeger was. Want aan mijn sportieve prestaties zal het nooit gelegen hebben, voor mijn zestiende ben ik nooit over een bok gesprongen. Ik begrijp wel dat mensen fit moeten zijn om gezond te blijven, maar ik hoor een dokter nooit tegen mij zeggen: Mevrouw, u bent ernstig ziek, maar niets dat een sprong over de bok niet zal verhelpen.

Eerst het obligate gesprekje dat zo gaat, telkens als ik mensen die mij vroeger kenden vroeger:

- Slavistiek ja.
- Allez jong, slavistiek.
- Ja ja.

Alzo, mijn turnjuffen hebben tenminste gezien dat ik het zwemmen heb onthouden. En dat ik ondanks hun inspanningen zes jaar lang besloten heb vooral niets met lichaamsbeweging te doen.
Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Als Steve Stevaert 'Gedichtendag 2008' zegt, rijmt het.

In een andere taal, vandaag. Maar eerst een verhaaltje. Ik heb een fenomenaal geheugen voor Trivia en Nutteloze Feiten. Ik weet veel dingen nog, de meest nutteloze eerst. Ik weet bijvoorbeeld nog dat de vader van iemand in mijn klas Marc heette, met een c, zoals alle Marcen uit die tijd, maar dat hij altijd Mark schreef, ook op de balpennen die hij voor zijn werk had laten maken.

Ik zei het al, het soort feiten waar ik geen stap verder mee kom in het leven. Net zo goed leer ik heel erg snel dingen vanbuiten, absurd snel, soms. Soms zo snel dat het vervelend wordt, want ik ken gauw stukjes van cursussen vanbuiten en zo wordt het op den duur stontvervelend om steeds die stukjes opnieuw te lezen, op te schrijven, te declameren. Het gaat natuurlijk niet anders, want de rest van de cursus moet er ook in.

Van sommige gedichten ken ik nog stukken vanbuiten. Het gedicht van vandaag is van Robert Frost. Van de Engelse les in het zesde middelbaar het ik onthouden dat het iemand was met een treurig leven, veel ouders en broertjes en zusjes gestorven, later ook nog zijn vrouw en waarschijnlijk een paar kinderen. De zin 'Whose woods these are I think I know' kwam sindsdien regelmatig in mijn hoofd als ik in Heverleebos met een hoopje drentelende kinderen rondliep. De rest van het gedicht was spoorloos, maar zo nu en dan zoek ik het op.

Vandaar dus vandaag, Robert Frost (1874-1963), met 'Stopping By Woods On A Snowy Evening'.

Stopping By Woods On A Snowy Evening

Whose woods these are I think I know.
His house is in the village though;
He will not see me stopping here
To watch his woods fill up with snow.

My little horse must think it queer
To stop without a farmhouse near
Between the woods and frozen lake
The darkest evening of the year.

He gives his harness bells a shake
To ask if there is some mistake.
The only other sound's the sweep
Of easy wind and downy flake.

The woods are lovely, dark and deep.
But I have promises to keep,
And miles to go before I sleep,
And miles to go before I sleep.


Ook aan te raden uit het Engels van het zesde middelbaar: deze 'Christmas Oratio' van Auden. Actueel en alles. Onze leerkracht was trots op ons, zei ze, toen we het uit hadden.

24/01: Kijk nu

Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Kijk nu, gedichtendag is pas volgende week. Om mijn fout goed te maken krijgt u van mij op de echte dag nog een gedicht, en meer nog, ik geef er u tussendoor gewoon nog eentje mee. Met dank aan Hanna, trouwens, om mij daarop attent te maken. Twee hersenens weten meer dan één hersenen.

Maar dat komt omdat er op canvas een bekende meneer gedichten voorleest. Een week op voorhand? Freaks. En daardoor ben ik zelf een freak geworden. Ach ach ach toch.

Maar goed, ik heb morgen eigenlijk een examen, Russisch. Dat is de zevende keer dat ik daar examen van moet doen, dus ik ben behoorlijk kalm. Zo relaxed dat ik me zelfs niet kan opjagen dat ik te relaxed ben. Het is eens iets anders, langs de ene kant. Langs de andere kant is het ook eens iets anders.
Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Gedichtendag vandaag! Daarom laat ik deze post, een beetje althans, over aan iemand die écht weet wat schrijven is.

Kent u Gerrit Komrij? Niet alleen is dat een hele grappige, sappige Nederlander met een bijzonder flubberige kin, het is ook een dichter die niet alleen schrijft, maar ook leest, véél gedichten leest. Hij kent dus het klappen van de zweep.

Al die gedichten zitten samen in twee boekdelen, tweeduizend en enige gedichten. Ik heb ze staan omdat het niet anders kon, vond ik. Ik lees er echter zelden in, want ze zijn dik en het gaat om erg verscheiden werk. Hooguit neem ik soms de inhoudstafel door, om te kijken wie ik ken en wie niet.

Blijkt bijvoorbeeld, net nog, dat de man waarover ik een paper schreef omdat ie naar Rusland is gereisd in de, goh achttiende eeuw ofzo, dat die ook gedichten schreef, en blijkbaar niet zo'n slechte, want als ik Komrij mag geloven staan enkel de echt goeie dichters erin. Het boek dat Jean Nolet de Brauwere van Steeland schreef over zijn reisje naar het Noorde was anders bijzonder slecht, maar goed, dat was dan ook hoegenaamd geen gedicht.

Door die inhoudstafel heb ik, aan de hand van de geboortedata, ontdekt dat J. Bernlef niet de kleinzoon, zoals de leerkracht Nederlands ons vertelde, maar de zoon van Hendrik Marsman moet zijn. Bernlef werd geboren toen Marsman 37 was. Tenzij het om twee vroegrijpe dichters ging gaat het om een vader en zijn zoon.

Alleen de beste dus, en Komrij is niet zo bescheiden zichzelf niet op te nemen. Eén gedicht, van vier korte strofen. Hieronder echter een ander gedicht, uit Een mooie kleine revolutie, ook door hem samengesteld. 't Is niet zo heel poëtisch, er zitten geen metaforen in of synesthesiën, maar ik hou van de boodschap, en bovendien vind ik het fijn als een gedicht helder is. Zodat ik het kan lezen als ik bijvoorbeeld eventjes de tijd heb, maar meer niet.

Alles blijft

Daar stond een muur die ik heb aangeraakt.
De muur werd afgebroken. Van het puin
Werd verderop een fundament gemaakt.
Ik plantte een fruitboom in mijn oude tuin.

Die werd geasfalteerd. Vijf meter diep
Houdt zich een wortelstronk nog grommend koest.
Vijf eeuwen lang desnoods. De Spaanse griep
Landt ooit op Mars omdat ik heb gehoest.

Er was een vriend aan wie ik heb geschreven,
Een rots waar ik mijn naam in heb gekerfd.
Je bent een deel van alles bij je leven
En alles blijft bestaan wanneer je sterft.


Ik weet niet hoe dat met u is, maar bij het lezen van de Spaanse griep krijg ik altijd een klein beetje een krop in mijn keel. En ik vind koest en hoest zo ontroerend mooi rijmen, onopvallend bijna.

Zo, geniet van uw gedichtendag. Vanavond voor het slapengaan een gedichtje lezen.

18/01: Lopende zaken

Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Examen Pools: check (maakt beweging met wijsvinger).
Next: examen Russisch.

En avant. Met de wind van achteren.
Categorie: De pot nat
Door: Maartje
Ik ben een boek aan het lezen in het Frans, van Amélie Nothomb. Sinds ik Pools en Russich studeer is mijn Frans zodanig verwaterd dat het nu nog louter passieve kennis is geworden. Zelfs daar nog een flauw afkooksel van. Als ik zoek naar een Frans woord is daar eerst het Poolse, dan het Russische en soms, als ik geluk heb en mijn hersenen in een goede bui zijn, komt daarna het Franse woord. Waardoor ik vreselijk haper als ik Frans praat. Toen ik een tijdje geleden een Waal in de trein vijf euro zag verliezen, kon ik hem daar pas vijf minuten later op attent maken, omdat perdre niet wou komen. Was het een Pool geweest, dan zat stracić zo klaar om te vervoegen in de startblokken. Zelfs een Rus had терять kunnen krijgen, na een poosje van niets.

Maar de zin Vous avez perdu cinq euros, ho maar. Geleerd toen ik tien was, afgeleerd op mijn twintigste. Ik kon zelfs niet helemaal antwoorden op zijn vous êtes fantastique, dus hield ik het bij, ça va, je sais. Waardoor ik erg arrogant moet overgekomen zijn, allemaal omdat ik Pools studeer. (Gelukkig, zo denk ik maar, zijn er in Leuven meer Polen dan Walen.)

En nu lees ik een Frans boek en elk woord dat ook een Engels woord zou kunnen zijn wordt dat ook in mijn hoofd, ik vind het vreselijk, maar ik ben het tenminste aan het verhelpen. 't Gaat over een Belgische in Japan, wat het fascinerend maakt, want ik ben natuurlijk ook eens een Belgische geweest in het buitenland, maar dan een Vlaamse. En de Waalse in Japan heeft net hetzelfde probleem dat ze moet uitleggen dat Belgisch geen taal is, en als ze iets wil zeggen tegen een andere Belgische Waalse, dan doet ze dat ik het Nederlands, want de Japanners waar ze mee optrekt kunnen Frans en ze mogen het niet verstaan. Ze koop Chimay om speciaal te doen en ze is altijd de enige die weet waar ze precies vandaan komt. En ze kent dezelfde Belgische winter, en mist die niet, daar in Japan.

Het brengt eenheid in de verdeeldheid. Filip de Winter zou het moeten lezen. En alle kindjes in de scholen. Allemaal.